Welkom

Dit boek "Gezond met extra Anti-oxidanten" geeft aan:        

•  Wat oxidatie door vrije adicalen in je lichaam is
Hoe je daardoor onnodig snel veroudert of onnodig vroeg een verouderingsziekte kunt krijgen
Hoe je verouderingsprocessen in je lichaam sterk kunt afremmen 
Hoe je langer uit de gevarenzone van verouderingsziekten kunt blijven 
Wat je kunt doen, als je al een verouderingsziekte hebt, om het ziekteproces zo goed mogelijk onder controle te houden en tegelijkertijd de voortgang van je ziekte zo sterk mogelijk af te remmen 

U krijgt de inhoudsopgave van het boek door rechtsboven in de hoek op   index   te drukken.

(De kans is vrij groot dat u dit boek niet in één keer uitleest. Om zonder te zoeken weer het boek te kunnen openen kunt u een snelkoppeling toevoegen aan het startscherm van uw telefoon of tablet.)


ALGEMEEN

De hoofdoorzaak van vele ziekten is ongecontroleerde oxidatie, die plaatsvindt in het lichaam door vrije radicalen. Bij verouderingsziekten ligt deze hoofdoorzaak zelfs boven de 90%. Oxidatie in het lichaam is te vergelijken met het roesten (oxideren) van ijzer of het ranzig worden van vet. De nare eigenschap van oxideren is, dat iets, dat normaal of gezond is, verwoest wordt. Als zo’n verwoesting in het lichaam niet bijtijds wordt tegengehouden, kan men te maken krijgen met ziekelijke verouderingsprocessen.

Oxidatie begint al met zuurstof in de lucht, die we inademen. Zuurstof veroorzaakt oxidatie. Je kunt dus rustig stellen, dat oxideren een normaal en veel voorkomend proces is in de natuur. Ons lichaam maakt er zelfs gebruik van om uit zuurstof en voedingszuren samen lichaamsenergie te maken. We lopen dus eigenlijk op een ‘oxidatiemotor’. Helaas heeft de oxidatie, die zuurstof opwekt, ook een extreem nare kant: zuurstof oxideert namelijk alles wat het tegenkomt. Om zich te kunnen handhaven in een zuurstofrijke omgeving heeft ons lichaam daarom in de loop der tijd een zeer doeltreffend anti-oxidantsysteem moeten ontwikkelen.

Dit anti-oxidantsysteem (eigenlijk anti-roestsysteem) zorgt ervoor, dat we in een zuurstofrijke omgeving kunnen leven. Zo maken we gebruik van de goede eigenschappen van zuurstof. Tegen de slechte eigenschappen van zuurstof, zoals bijvoorbeeld beschadiging door oxidatie van ons bloedvatenstelsel, geeft het anti-oxidantsysteem bescherming. Het anti-oxidantsysteem zorgt er dus voor, dat er geen oxidatie plaatsvindt in delen van het lichaam, waar dit absoluut ongewenst is of waar dit zeer schadelijk kan zijn.

De anti-oxidanten, die door het anti-oxidantsysteem in ons lichaam worden gebruikt, zijn dus dag en nacht bezig ons te verdedigen tegen allerlei schadelijke stoffen en processen, waaraan we voortdurend blootgesteld worden. Processen, die er op uit zijn onze cellen en weefsels te oxideren (en lees voor dat woord maar gerust: roesten, verouderen en beschadigen). Anti-oxidanten krijgt ons lichaam met de geboorte mee. Een prachtig recyclesysteem zorgt ervoor, dat ze na gebruik telkens weer opnieuw beschikbaar zijn. Bovendien komen ze voor een klein gedeelte uit goede voeding, zoals vers fruit en verse groenten.

Naast de zuurstof, als normale veroorzaker van oxidatie, zijn er meer omstandigheden, die voor extra oxidatie zorgen. Hierbij kunnen we o.a. denken aan vet, roken, luchtvervuiling, aanhoudende stress, maar ook te veel zuurstof of zelfs te weinig zuurstof. Deze vormen van extra oxidatie eisen zeer veel anti-oxidanten op, op den duur meer dan waar het lichaam normaal over beschikt.

Wanneer ons anti-oxidantsysteem te lang in de hoogste versnelling moet draaien, omdat de totale oxidatie te hoog wordt, ontstaat er een tekort aan anti-oxidanten. Door dit tekort is ons lichaam niet meer in staat om deze oxidatie goed onder controle te houden en op alle gewenste plekken een goede bescherming te handhaven. In dit geval spreken we van ‘ongecontroleerde oxidatie’. Het gevolg is, op microscopisch niveau, dat gezonde moleculen, cellen en weefselstructuren beschadigen en op den duur zelfs vernietigd worden. Bovendien raakt het verloop van normale (dus gezonde) chemische processen, die zich in ons lichaam afspelen, volledig in de war.

Als dergelijke ongecontroleerde oxidatieprocessen jarenlang plaats kunnen vinden, krijgen we te maken met onnodig snelle veroudering en uiteindelijk met verouderingsziekte. Deze schadelijke oxidatieprocessen worden veroorzaakt door vrije radicalen. De belangrijkste vrije radicaal die in een levend organisme oxidatie teweegbrengt, is de vrije zuurstof radicaal.

Het is inmiddels een vaststaand feit dat vrije zuurstof radicalen, die niet meer onder controle gehouden worden, de hoofdoorzaak zijn van zeker zestig ziekten. Hieronder vallen alle verouderingsziekten, zoals hart- en vaatziekten, kanker, de ziekte van Alzheimer, de ziekte van Parkinson, cataract en reumatoïde artritis. In de Verenigde Staten is deze kennis in 1988 bij het grote publiek onder de aandacht gebracht o.a. in de New York Times van 26 april 1988. Het staat tevens vast dat vrije zuurstof radicalen, die niet meer onder controle gehouden worden, het immuunsysteem onderdrukken, waardoor een verhoogd risico ontstaat voor het ontwikkelen van auto-immuunziekten.

Tegenwoordig kun je gelukkig zelf veel doen om ongecontroleerde oxidatie (dus onnodige beschadiging) voor te zijn. Jammer is alleen, dat veel mensen hiervan nog niet voldoende op de hoogte zijn. Door dagelijks gebruik te maken van hoog gedoseerde anti-oxidanten (in de juiste samenstelling, als voedingssupplement) is het mogelijk, afhankelijk van het stadium van een ziekte, het ziekteproces te vertragen, de voortgang van de ziekte stil te leggen en/of een aanzienlijke verbetering teweeg te brengen in de algemene conditie. Of, als er nog geen sprake van ziekte is, geheel of in ieder geval veel langer uit de gevarenzone te blijven. Daarnaast profiteer je tegelijkertijd van het feit, dat het verouderingsproces sterk wordt afgeremd, hetgeen na verloop van tijd steeds duidelijker zichtbaar wordt ten opzichte van leeftijdsgenoten, die geen extra anti-oxidanten gebruiken.

De extra aanvullende anti-oxidanten stellen het lichaam namelijk beter in staat de grotere vorm van oxidatie, die samen gaat met het ouder worden in het algemeen en met bijna alle ziektebeelden in het bijzonder, bij te kunnen houden. Als dat eenmaal weer lukt, krijgt ons lichaam weer de kans gebruik te maken van het unieke herstellende vermogen, dat we als gezond mens bezitten. Een van de mooiste uitvindingen van de natuur.

Sport en hart- en vaatziekten worden hieronder gebruikt om uit te kunnen leggen hoe oxidatie plaatsvindt en wat de gevolgen hiervan zijn als oxidatie niet meer onder controle kan worden gehouden. Ook hoe je met hoog gedoseerde anti-oxidantsupplementen verantwoord ‘aan de rem kunt trekken’ als je dit zelf nodig vindt. Sterker nog, het zal duidelijk worden dat, als je zo gezond bent als een vis, het met de toepassing van de huidige kennis over oxidatie bijna niet voorkomt, dat je al met verouderingsziekten geconfronteerd wordt op de leeftijden, die we daarvoor nu ‘normaal’ vinden.

VRIJE RADICALEN EN DE GEVOLGEN

De reden dat zuurstof bijvoorbeeld in vet oxidatie teweegbrengt is dat door de inwerking van zuurstof in vet vrije radicalen geproduceerd worden. Vrije radicalen zijn verantwoordelijk voor alle roest- en oxidatie reacties. Maar wat is nu een vrije radicaal en waarom hebben we daar zoveel last van?

Een vrije radicaal is een zeer klein super actief chemisch deeltje, een abnormale molecule of een deel daarvan (atoom), dat spontaan normale (gezonde) moleculen aanvalt. Deze aanval heeft als gevolg, indien er niet voldoende anti-oxidanten aanwezig zijn, dat gezonde moleculen beschadigd of vernietigd worden. Door deze beschadiging verliest de gezonde molecule haar functie en wordt zelf ook een vrije radicaal.

Deze vrije radicaal gaat weer op zoek naar een gezonde molecule die ook weer wordt aangevallen en in een vrije radicaal verandert. Zolang er geen anti-oxidanten zijn om de vrije radicaal te neutraliseren, kan dit leiden tot een kettingreactie van moleculenbeschadigingen. Zo verspreidt oxidatieschade zich razendsnel. Bij deze kettingreacties vormen zich tot overmaat van ramp ook nog zwaar giftige vrije radicalen afvalprodukten.

De vrije radicaal (de technische uitleg)

Een atoom is het kleinst mogelijke deeltje van een element, dat toch nog alle eigenschappen daarvan bezit. Een molecule is een combinatie van atomen. Een atoom heeft protonen, neutronen en elektronen, een kern en een lege ruimte. De eerste twee zitten in de kern van het atoom, dat tevens het kleinste deel ervan is. De elektronen beschrijven banen in de lege ruimte. In dit verhaal zijn alleen de elektronen belangrijk en ook het feit, dat elektronen hun omwentelingen om de kern normaal in paren uitvoeren, met z’n tweeën dus.

Soms echter zitten er ook elektronen alleen (ongepaard) in een baan: Een vrije radicaal is elke chemische substantie, die één enkele elektron in een buitenbaan heeft (dus een elektron, die in zijn eentje ronddraait in de buitenste baan). Daardoor is een vrije radicaal licht magnetisch. Normale moleculen zijn in het algemeen niet magnetisch. Sommige chemische stoffen hebben een dergelijke vrije radicaalvorm van zichzelf, bij andere stoffen wordt een vrije radicaal toestand opgewekt, bijvoorbeeld door licht, röntgenstralen of door contact met andere chemische stoffen.

Die enkele elektron geeft in zijn baan een onuitgebalanceerd magnetisch veld, dat de structuur en het chemisch actief zijn van de vrije radicaalmolecule ongunstig beïnvloedt. Dat is ook de reden, dat een vrije radicaalmolecule superactief is, want ‘een’ (alleen, ongepaard) is in de natuur onstabiel, niet in balans. Hij probeert zo snel mogelijk wel stabiel te worden en de manier waarop dat gebeurt, is de kern van dit verhaal en de oorzaak van zeer veel narigheid. Nu direct, maar ook in de komende jaren.

Onmiddellijk na zijn ontstaan geeft een vrije radicaal zijn enkele elektron aan de dichtstbijzijnde normale molecule of pakt hij daarvan een elektron weg, zodat hij twee elektronen in de buitenste baan heeft. Op beide manieren is hij weer stabiel geworden.

Maar nu is echter de vorm van de aangevallen molecule verstoord. Die heeft er een elektron bij gekregen of een verloren. Hij is nu zelf ook een vrije radicaal geworden. Hij kan daardoor niet meer functioneren. In chemie en biologie is de vorm namelijk bepalend voor wat iets is en doet. Deze nu zelf ook onstabiele molecule gaat op zijn beurt bij een andere aangrenzende molecule een elektron afpakken. Enzovoort, enzovoort.

Zo ontstaan kettingreacties waarbij elektronen transfers plaatsvinden, verspreid over duizenden moleculen of veelvouden hiervan, waarbij chaos en verwarring optreedt en bovendien super giftige vrije radicalen afvalprodukten worden gevormd.

Moleculengroepen, die belangrijke delen van celstructuren vormen, raken vervuild en beschadigd, waaronder bijvoorbeeld de membranen (dat zijn de wanden van de cel). De cel kan steeds minder goed functioneren, het DNA kan onherstelbaar beschadigd worden, allerlei ziekteprocessen worden gestart en de cel zal uiteindelijk geheel verdwijnen.

Daarmee ontstaat schade aan de grotere systemen, zoals aan de bloedvaten, het bloed zelf, aan het hart, aan de spieren van het skelet, aan het zenuwstelsel, het immuunsysteem, de regeling van hormoonproductie en aan de huid.

WAAR ONTSTAAN VRIJE RADICALEN?

Vrije radicalen ontstaan eigenlijk overal om ons heen. In de lucht, in ons lichaam, in planten en dieren en in allerlei stoffen. Het is een zo algemeen verschijnsel en het effect is zo verwoestend, dat in de loop van de evolutie elk organisme op aarde dat zuurstof gebruikt, beschermings- en controlesystemen tegen vrije radicalen heeft ontwikkeld. En dat is wel nodig ook, want zonder deze systemen zouden alle organismen binnen de kortste tijd dood gaan door vrije radicalenreacties en de gevolgen daarvan.

Een voorbeeld is een anaërobe bacterie. Dat is een bacterie, die in een zuurstofloze omgeving leeft. Daarom heeft hij geen bescherming ontwikkeld tegen vrije radicalen. Als je hem aan de lucht blootstelt, is hij binnen enkele seconden verwoest: door vrije radicalen reacties.

Een voorbeeld van het tegenovergestelde is een bacterie, die prima gedijt binnen in een kernreactor. Deze heeft een uitzonderlijk hoge bescherming tegen oxidatie opgebouwd.

WAARMEE BESCHERMT EEN ORGANISME ZICH TEGEN VRIJE RADICALEN?

Een organisme beschermt zich tegen vrije radicalen met anti-oxidanten.

Direct bij het ontstaan of het binnenkomen van een vrije radicaal staat een anti-oxidant klaar om de vrije radicaal een elektron aan te bieden, waarmee de vrije radicaal stabiel wordt en niet langer schadelijk is. De anti-oxidant is daarmee zelf uitgewerkt en is weliswaar ook zijn vorm kwijt, maar reageert daar niet op als een normale molecule.

Het is duidelijk, dat er altijd en overal in het lichaam voldoende anti-oxidanten aanwezig moeten zijn om vrije radicalen direct buiten werking te stellen. Zo wordt ervoor gezorgd, dat er geen kettingreacties op kunnen treden, geen vrije radicalen afvalproducten gevormd kunnen worden, er geen schade kan ontstaan aan moleculengroepen, die tezamen sleutelposities binnen onze celstructuren bekleden en dat zo uiteindelijk de cel niet beschadigd of vernietigd wordt.

DIVERSE SOORTEN ANTI-OXIDANTEN

In de loop van de evolutie heeft de natuur een breed spectrum van anti-oxidanten ontwikkeld. Ze voorkomen of beperken de schade in het lichaam die door vrije radicalen kan worden aangericht.

Sommige kunnen alleen door het lichaam gemaakt worden, andere moeten we met onze voeding binnen krijgen. Omdat ze doorlopend verbruikt worden en vrije radicalen doorlopend ontstaan, moeten anti-oxidanten ook constant aangevuld worden.

Enkele anti-oxidanten kennen we als vitamines (vitamine C en E bijvoorbeeld) of als co-factor vitamines (diverse B-vitamines),andere zijn aminozuren of mineralen, weer andere zijn enzymen, die ons lichaam zelf maakt.

Het belangrijke is dat ze elk een specifieke soort vrije radicalen neutraliseren, maar daarbij ook in een strikte samenhang werken. Ze moeten daarvoor in de juiste verhoudingen ten opzichte van elkaar aanwezig zijn. Bovendien hebben ze elkaar nodig om zich te kunnen ‘recyclen’, waarna ze weer opnieuw ingezet kunnen worden. Vandaar dat de samenstelling van de combinatie van anti-oxidanten zo belangrijk is. Recycling is namelijk alleen mogelijk als alle daarvoor benodigde anti-oxidanten in de juiste hoeveelheden ten opzichte van elkaar beschikbaar zijn. 

Er zijn anti-oxidanten, zoals de anti-oxidant vitamine C, die in een waterachtige omgeving (zoals binnen in de cellen) werkzaam zijn. Andere, zoals de anti-oxidant vitamine E komen juist weer in een vette omgeving voor, omdat vitamine E alles dat vet is in het lichaam tegen oxidatie beschermt. De vette delen in het lichaam, die vitamine E hard nodig hebben zijn o.a. de hersenen, de membranen (wanden) van de cellen, de membranen van structuren in deze cellen, de huid en het ruggenmerg.

SOD (Super Oxide Dismutase) is een anti-oxidant enzym en met name voor sportlieden zeer belangrijk, omdat het beschermt tegen superoxide radicalen (zuurstof radicalen). Het kenmerkende van sport is namelijk dat we veel grotere hoeveelheden zuurstof gebruiken dan normaal. Zo zie je bijvoorbeeld al dat een getraind atleet meestal een ietwat hoger SOD niveau heeft ontwikkeld in zijn lichaam dan iemand, die de hele dag zit.

Sommige anti-oxidanten reageren simpel, één anti-oxidant molecule zet één vrije radicaal molecule buiten spel. Andere kunnen er twee uitschakelen voordat ze zelf uitgewerkt zijn en de enzymen SOD, Catalase en Glutathione Peroxidase kunnen enkele duizenden vrije radicalen uitschakelen voordat de structuur van een van deze enzymen zijn functionele vorm verliest.

HOE EN WANNEER ONTSTAAN VRIJE RADICALEN?

Door verbrandings- en stofwisselingsprocessen

Vrije radicalen reacties zijn een wezenlijk onderdeel van alle verbrandings- en stofwisselingsprocessen. Bijvoorbeeld het produceren van ATP (dat is de universele energie-opslagmolecule ofwel de lichaamsbrandstof) vereist vrije radicalen reacties. Vrije radicalen zijn dus ook nodig, echter alleen onder strikt gecontroleerde voorwaarden en onder voldoende bescherming tegen ‘weglekken/ontsnappen’ van vrije radicalen.

Door zuurstof

Zuurstof is voor ons lichaam zowel een hoogst noodzakelijke, als een zeer gevaarlijke stof. Dit lijkt op het eerste gezicht onlogisch, maar is te verklaren door de mate waarin een zuurstof molecule chemisch reactief is. Dit kan namelijk verschillen afhankelijk van de omstandigheden. Zuurstof heeft dus zowel het vermogen om vrije radicalen reacties tegen te gaan, als om vrije radicalen reacties op te wekken.

Een molecule zuurstof (O2) heeft twee atomen met elk een enkele elektron in een buitenbaan. Daaraan ontleent het bepaalde eigenschappen van een vrije radicaal: hij is ook licht magnetisch en wekt ook vrije radicalen kettingreacties op bij daarvoor gevoelige biomoleculen, die niet door voldoende anti-oxidanten beschermd worden.

Ons lichaam kan met een normale hoeveelheid zuurstof redelijk uit de voeten. Daar waar de zuurstof geoxideerd moet worden als brandstof in ons lichaam, in de mitochondriën, staan de anti-oxidantsysemen klaar om dit veilig te laten verlopen. Een normale hoeveelheid en concentratie zuurstof is dus geen probleem.

Anders wordt het als de zuurstofconcentratie:

• hoger is dan normaal (bijvoorbeeld bij duiken, of bij het inademen van zelfs zuivere zuurstof)

• lager is dan normaal (bijvoorbeeld boven op een hoge bergtop of hoog in de lucht)

• er meer zuurstof gebruikt wordt dan normaal (bijvoorbeeld bij stress of intensief sporten). 

Deze drie situaties produceren meer vrije radicalen reacties dan ons lichaam op een normale manier kan verwerken.

Dus een te lage concentratie zuurstof is gevaarlijk. Bij 50% of minder dan normaal komt de vrije radicalen opwekkende eigenschap van zuurstof naar voren en is te weinig zuurstof even gevaarlijk als te veel. Dit laatste is mede verantwoordelijk voor de fatale vrije radicalen schade aan de hersenen binnen enkele minuten na het stoppen van de ademhaling of de bloedcirculatie.

Normaal is het altijd zo dat 3 tot 10% van de zuurstof, die we inademen, niet volledig wordt gebruikt en weg lekt uit de mitochondriën:

• als zuurstof radicaal (superoxide radicaal), 

• als hydrogeen radicaal (die nog gevaarlijker is) of

• als hydroxyl radicaal (het gevaarlijkst),

afhankelijk van het aantal elektronen, dat de zuurstof molecule erbij gekregen heeft.

Mitochondriën zijn de energiefabriekjes in de cellen. Hier wordt ATP (Adenosine trifosfaat) gemaakt, de universele energie-opslagmolecule in ons lichaam. Normaal hebben we 1000 tot 1500 van deze energiefabriekjes per cel. Ze zijn te vergelijken met kolenkachels in een huiskamer. Als we ouder worden nemen ze in aantal af. Een goed getrainde sportman/vrouw kan er wel ruim tweeduizend per cel hebben. Hoe meer je er hebt, des te meer energie kun je produceren. Het aantal mitochondriën per cel heeft rechtstreeks met je conditie te maken.

Binnen de mitochondriën zijn vrije radicalen reacties normaal en noodzakelijk voor het opwekken van energie. Dit gebeurt in een streng gecontroleerd systeem. Als er zuurstof naar buiten weglekt (en dat is dus altijd enigszins het geval) beginnen de ongecontroleerde vrije radicalen reacties, tenzij er voldoende anti-oxidanten aanwezig zijn.

Ook hier kunnen we de vergelijking maken met de ouderwetse kolenkachels in een huiskamer. Als 3 tot 10% van de brandende kolen uit de kachel ontsnapt en er wordt niet steeds of onvoldoende geblust (en dat doet het lichaam met anti-oxidanten), dan vliegt de huiskamer in brand en wordt alles verwoest. Dit gebeurt ook in een lichaamscel, die niet goed beschermd wordt.

Tijdens sport of training, een situatie van fysieke stress, ademen we veel meer zuurstof in dan normaal. Echter blijft het percentage zuurstof, dat niet volledig gebruikt wordt en uit de mitochondriën weglekt, hetzelfde. Doordat weliswaar het percentage gelijk blijft, maar in dezelfde tijd meer zuurstof verbruikt wordt, lekt er in die tijd ook meer zuurstof weg. Er ontstaan dus ook veel meer vrije radicalen. Er worden in diezelfde tijd dan ook meer anti-oxidanten verbruikt om dus de oxidatie in bedwang te houden. Er moet dan ook een grotere voorraad anti-oxidanten aanwezig zijn om celbeschadiging tegen te gaan. Hetzelfde gebeurt bij mentale stress: ook hierbij gebruiken we veel meer zuurstof dan normaal en ontstaan er dus ook veel meer vrije radicalen dan anders.

Zuurstof veroorzaakt ook oxidatie in stoffen, die daarvoor gevoelig zijn (zoals roesten bij ijzer). Vet bijvoorbeeld en alle voedsel waar vet in zit, oxideert heel erg snel (wordt snel ranzig), vooral meervoudig onverzadigd vet.

Voor diegenen die een beetje thuis zijn in de chemie: meervoudig onverzadigd vet heeft twee of meer dubbele verbindingen tussen sommige van zijn koolstofatomen. Hoe meer van deze dubbele verbindingen, des te sneller treedt oxidatie op. De hersenen en het ruggenmerg bevatten zeer veel, hoofdzakelijk meervoudig onverzadigd vet en zijn daarom heel gevoelig voor oxidatie.

Vet oxideert zowel binnen als buiten je lichaam. We kunnen het dus al geoxydeerd binnen krijgen met eten. Research heeft aangetoond (al voor 1987) dat dit laatste vooral het geval is met meervoudig onverzadigde vetten. Bovendien worden meervoudig onverzadigde vetten veel sneller ranzig dan verzadigde vetten, zonder dat je het kunt zien, ruiken, of proeven. Bij verzadigde vetten proef je, zie je of ruik je dat ze ranzig zijn, dus eet je ze niet meer.  Daarom is het verstandig, als je vet gebruikt, om verzadigd vet te nemen zoals verse roomboter  omdat je kunt constateren of het vet geoxideerd is. Het is echter nog beter om van de eerste pluk, ”extra virgin” olijfolie, te gebruiken. Dit vet is weliswaar onverzadigd, maar dan enkelvoudig en daarom minder gevoelig voor oxidatie.

Door intense lichamelijke inspanning

Normaal wordt de energiemolecule (ATP) met zuurstof (aëroob) en voedselzuren via het enzymsysteem geproduceerd binnen de zogenaamde Krebs-cyclus. Als deze energievoorraad uitgeput raakt en je toch nog doorgaat, dan gaat je lichaam over tot de productie van ATP zonder zuurstof (we noemen dat anaëroob). Erg lang kun je dat niet volhouden, omdat het rendement hiervan veel lager ligt. Nog lastiger is het, dat hierbij giftige melkzuren ontstaan, die de zuurgraad van spieren en omringend weefsel verhogen. Hierdoor veranderen de aanwezige zuurstof radicalen in de gevaarlijkste soort vrije radicalen die we kennen, namelijk in hydroxyl radicalen. De hydroxyl radicalen verminderen de bloedcirculatie aanzienlijk en dat verklaart waardoor melkzuren krampen veroorzaken in je spieren. Deze krampen kunnen zo erg worden, dat je uiteindelijk de controle over je spieren totaal verliest. Door de sterk verminderde bloedcirculatie functioneert ook je zenuwstelsel niet meer goed en bereiken ook de commando’s uit je hersenen je spieren niet meer. Dit verklaart dus de mentale verwarring van sportlieden na een prestatie, waarvoor echt alle registers opengetrokken moesten worden.

Door energierijke straling

Onze aarde wordt onophoudelijk gebombardeerd met energierijke straling, zoals de UV-stralen van de zon, röntgenstralen en radio-actieve straling. Je kunt spreken van een constant bombardement met gigantische ladingen vrije radicalen.

Door blessures

Blauwe plekken en kneuzingen zijn vrije radicalen reacties. Cellen beschadigen en bloedvaatjes scheuren. Het koper en ijzer uit het bloed oxideert en het blauw en geel wat we kunnen zien onder onze huid zijn vrije radicalen afvalproducten. Als er voldoende anti-oxidanten beschikbaar zijn, hebben we ook minder last van blauwe plekken en genezen kneuzingen veel sneller.

Letsel aan het centrale zenuwstelsel is het meest ernstige niet-fatale gevolg van sport of training, dat vrij algemeen ontstaat bij jonge sportlieden bijvoorbeeld als gevolg van boksen, skiën, valpartijen bij wielrennen en dergelijke activiteiten.

Tijdens een periode van enige uren na de verwonding beschadigt het weefsel steeds meer door zich steeds verder uitbreidende vrije radicalen reacties, aan de gang gezet door de verwonding. Bloed stroomt uit gescheurde bloedvaten en bloedcellen breken af, waarbij koper en ijzer uit het bloed vrijkomen en als katalysatoren oxidatie in de omringende weefsels gaan aanjagen.

Onder hun invloed kunnen de oxidatieprocessen wel een miljoen keer sneller verlopen. Bovendien wordt daardoor de microbloedcirculatie aangetast en uiteindelijk gestopt, wat te lage of geen zuurstof concentratie inhoudt en de daarbij behorende verwoestende vrije radicalen reacties. De lange termijn consequenties hiervan kunnen o.a. permanente verlammingen of permanent verlies van motoriek zijn en/of verlies van allerlei zenuwfuncties. Bij hoofdverwondingen treedt onherstelbaar verlies van nog meer functies op.

Zelden is een verwonding aan het centrale zenuwstelsel voldoende om het ruggenmerg zelf onherstelbaar te beschadigen. Hetzelfde is te zien bij hoofdverwondingen. De secondaire beschadiging aan de microcirculatie van het weefsel door vrije radicalen reacties is veel ernstiger en na ca. 2 uur is hierbij een punt bereikt waarna de schade onherroepelijk is.

Er worden goede resultaten bereikt door artsen met het inenten van zeer hoge doses speciaal daarvoor samengestelde anti-oxidant combinaties binnen de eerste twee uur na het ontstaan van deze ernstige letsels, ter voorkoming van blijvende of fatale beschadigingen.

Door slechte bloedtoevoer

Bij sport en training gaat het merendeel van de bloedtoevoer naar de skeletspieren, ten koste van de bloedtoevoer naar de ingewanden en de organen. De ernstige buikpijnen, krampen en andere pijnen, die tijdens sport of training op die plaatsen optreden hebben vaak te maken met een slechte bloedtoevoer naar die delen van het lichaam, waardoor vrije radicalen reacties ontstaan. Het gevoel, tegen de muur te lopen, wat bijvoorbeeld lange afstands-lopers soms ervaren, heeft vaak te maken met een te lage doorbloeding in de hersenen, waardoor de bloedcirculatie in de haarvaatjes van de hersenen niet meer goed werkt en vrije radicalen reacties opgewekt worden.

Door infecties

Bij infecties is er sprake van grote infiltraties in het weefsel van witte bloedcellen en van macrofagen (een type witte bloedcel, dat bacteriën, virussen en kankercellen doodt en opvreet) om indringers in het lichaam te bestrijden. Hun op zich goede verdedigingsactiviteiten hebben echter één belangrijk nadelig effect: ze gebruiken hierbij namelijk veel zuurstof en die zuur-stof veroorzaakt een scala van vrije radicalen.

Door luchtvervuiling

Bij trainen of wedstrijden in de open lucht kunnen bepaalde stoffen zoals NO2 en ozon (in smog) vrije radicalen reacties in de longen oproepen. Hoe meer zuurstof gebruikt wordt, hoe sterker dit telt. Een verstandige en zorgvuldige aërobic training kan er voor zorgen, dat het anti-oxidant enzymsysteem in het lichaam enigszins opgevoerd wordt en dat het lichaam zich hier iets beter tegen kan verweren. Een hoog zuurstof gebruik door sport, dus intensief sporten of bewegen, zonder dat daarbij een goede anti-oxidant bescherming gebruikt wordt, is zeker voor mensen boven de 35 jaar, een serieuze voorloper van hart- en vaatziekten.

Door het inademen van samengeperste lucht bij vliegen op grote hoogte

Piloten, cabinepersoneel en passagiers, die zeer frequent vliegen krijgen te maken met het probleem, dat de lucht die in de cabine op grote hoogte ingeademd wordt relatief veel ozon en andere schadelijke gassen bevat. De schadelijke oxidatie hierdoor is zo groot, dat het lichaam door een lange vlucht redelijk ‘gesloopt‘ wordt. Op grote hoogte is de zuurstofconcentratie in de lucht veel lager dan op zeeniveau. Daarbij komt nog, dat in de hogere luchtlagen aanmerkelijk meer ozon en andere schadelijke gassen zitten dan op zeeniveau. Om in de cabine eenzelfde zuurstofpercentage en dezelfde luchtdruk als op de grond te realiseren, moet de buiten-lucht samengeperst worden. De ozon en de andere schadelijke gassen in de lucht buiten het vliegtuig komen automatisch mee en worden door het samenpersen nog eens extra geconcentreeerd. Met name ozon is een stof die ernstige oxidatie teweegbrengt. Een en ander is voor een groot deel de oorzaak van ‘jetlag’. Als er daarnaast nog gerookt wordt,  alcohol gebruikt en het eten nauwelijks anti-oxidanten bevat is de schade helemaal aanzienlijk. Vrouwen hebben hier in het algemeen iets minder last van, mits ze nog niet de menopauze bereikt hebben. De verklaring hiervoor is dat het vrouwelijk anti-oxidantsysteem tot de menopauze effectiever is dan dat bij de man.

Door roken en alcoholgebruik

Alcohol en de teer in tabaksrook worden in het lichaam chemisch veranderd in o.a. acetyldehydes. Acetyldehydes wekken aanzienlijke vrije radicalen reacties op. Roken zet in hoge mate aan tot aderverkalking. Normaal duurt een vrije radicalen reactie bijvoorbeeld een duizendste van een seconde. Bij een trekje aan de sigaret duurt deze vrije radicalen reactie maar liefst een minuut. En die tijdsduur van een minuut is wel zo erg, omdat het bloed in een minuut zeker zes keer langs de kransslagader van het hart gepompt wordt. Een trekje aan een sigaret veroorzaakt zes keer achter elkaar op microscopisch niveau een regen van explosies die kraters slaan in de wand van de kransslagader. Deze wand wordt tijdens het slapen weer gerepareerd, maar de reparaties worden uiteindelijk steeds grover. Het gevolg is dat de gladde wand van de kransslagader steeds ruwer wordt. De bloedplaatjes, die er langs stromen en tegen de ruwe wand botsen, beschadigen en breken. Door het breken van de bloedcellen komt er koper en ijzer vrij. Dit zorgt voor veel ongecontroleerde oxidatie bij de beschadigde plekken van de kransslagaderwand, waardoor deze begint te verkalken.

Roken en/of drinken putten de beschikbare hoeveelheden en soorten anti-oxidanten ernstig uit. Een combinatie van roken, drinken en sport vraagt helemaal om problemen. De grote hoeveelheid zuurstof, die bij sport in het lichaam vrij komt, is op zich al een probleem. De vrije radicalen reacties, die door roken of drinken direct na het sporten nog eens extra veroorzaakt worden, verergeren de situatie verder, omdat de basisbescherming al voor een groot deel verbruikt is.

WANNEER IS ER SPRAKE VAN VRIJE RADICALEN PATHOLOGIE?

Onder vrije radicalen pathologie wordt verstaan de ziekelijke veranderingen als gevolg van ongecontroleerde oxidatie. Niet alle vrije radicalen vormen een probleem. Sommige worden door het lichaam zelf handig gebruikt om er bijvoorbeeld virussen en andere indringers mee te doden. En ze voeren nog enkele belangrijke taken uit.

Zolang er, in voldoende mate,  voldoende soorten anti-oxidanten in ons lichaam beschikbaar zijn om de vrije radicalen onder controle te houden en waar nodig direct te neutraliseren, zodat er geen kettingreacties etc. kunnen ontstaan, gaat alles goed.

Pathologie, ofwel ziekelijke veranderingen, ontstaan pas op het moment dat de anti-oxidanten voorraad niet toereikend of zelfs uitgeput is. Dit komt bijvoorbeeld doordat men te weinig anti-oxidanten uit de voeding binnen krijgt.

Er zijn omstandigheden, waarbij de behoefte aan anti-oxidanten omhoog gaat, in ieder geval wanneer er meer nodig zijn dan beschikbaar, doordat de productie van vrije radicalen omhoog gaat. Hiervoor hebben we al uitgelegd wanneer dat door sport het geval is. Er zijn naast sport nog allerlei omstandigheden, waardoor vrije radicalen reacties optreden en er dus een situatie kan ontstaan, waarbij veel meer anti-oxidanten nodig zijn dan beschikbaar.

Doordat men vanaf ongeveer het twintigste jaar steeds minder anti-oxidanten in het lichaam heeft. Die nemen namelijk af naarmate men ouder wordt, terwijl met het ouder worden de stress toeneemt. Steeds meer vrije radicalen ontsnappen zo aan het beschermingssysteem en wekken weer meer vrije radicalen op. Als men bovendien te dik is, zit een groot deel van de totaal beschikbare anti-oxidanten voorraad in het vet om te zorgen dat dit niet oxideert. Dit levert wel elders tekorten op en dus weer meer vrije radicalen, die niet gestopt worden en hun gang gaan.

WAAR VINDT VRIJE RADICALEN SCHADE PLAATS?

Dat kan overal in het lichaam zijn, zoals we hierboven uitgelegd hebben. Op willekeurige plaatsen door blessures, kneuzingen, door te veel zon etc. In die situaties zien we zelf, dat er andere dingen gebeuren dan normaal.

De schade die men niet kan zien of voelen, vindt plaats op microscopisch niveau aan de moleculen en daardoor aan de cellen welke uit moleculen structuren zijn opgebouwd. Het begint zodra er al of niet tijdelijk, meer vrije radicalen zijn dan we anti-oxidanten beschikbaar hebben. Ook op jonge leeftijd. Je ziet of voelt er niets van, maar die schade stapelt zich langzaam op. Jaar na jaar. Bij de ene mens wat sneller dan bij de andere. Het is een proces van veroudering en de vrije radicalen zijn hier verantwoordelijk voor. Uiteindelijk leidt dit tot grote problemen, bijvoorbeeld aan het hart en de bloedvaten (aderverkalking). Ook kan kanker of een andere vorm van verouderingsziekte ontstaan.

De onzichtbare schade vindt het meest plaats in de celmembranen (celwanden). Die bevatten veel meervoudig onverzadigde vetzuren, die erg gemakkelijk oxideren. De gevolgen zijn nogal lastig zoals o.a. :

• De ‘grensfunctie’ van de celwand verdwijnt, daardoor kan er bijvoorbeeld calcium de cel instromen en kalium eruit, wat helemaal niet de bedoeling is.

• De doorlaatbaarheid van de celwand wordt minder.

• De enzymen en de enzymontvangstplekjes (receptor sites) op de celwand worden uitgeschakeld, zodat de celfunctie ontregeld wordt. 

• Het DNA in de cel, waarin alle erfelijke informatie is opgeslagen, kan zo ernstig beschadigd worden, dat het lichaam dat niet meer kan repareren. Op den duur slaat de celdeling ongecontroleerd op hol en ontstaat kanker.

• De ‘teflon’ bekledingslaag aan de binnenkant van de bloedvaten, die er voor zorgt dat de vaatwanden glad blijven, kan door te veel ongecontroleerde oxidatie verdwijnen. Deze laag heeft tot taak te voorkomen dat er aanslag kan ontstaan op de vaatwanden en zorgt er zo voor, dat de bloedvaten schoon blijven en een goede bloedcirculatie mogelijk blijft.

Door oxidatie van vetzuren in de bloedvaten zoals o.a. van cholesterol gaan twee belangrijke zaken fout: 

1. 

Het aanmaken van PGI (Prostaglandin) wordt tegengegaan. PGI is de natuurlijke ‘teflon’ bekledingslaag aan de binnenkant van de vaatwanden. Deze stof zorgt ervoor, dat de aderwand zo glad is als een teflonpan en er niets aan de wand blijft plakken. Er is normaal een heel nauwkeurig evenwicht tussen deze PGI en een andere stof, Tromboxane A van de bloedplaatjes, die ervoor zorgt dat het bloed stolt, als het nodig is. PGI zorgt ervoor, dat de bloedplaatjes niet aan elkaar klonteren en ook niet blijven plakken aan de wand.

De vrije radicalen reacties, die ontstaan door het oxideren van de vetzuren in het bloed, remmen alleen PGI en zo wordt het delicate evenwicht tussen PGI en Tromboxane A verstoord. Wat nu gebeurt is dat én de vaatwand kleverig wordt én bloedplaatjes erop blijven plakken én dat de bloedplaatjes aan elkaar gaan kleven. Onder de elektronenmicroscoop kan men zien dat de bloedplaatjes als rozetjes aan elkaar én aan de vaatwand gaan kleven.

2.

Naast het feit dat de oxidatieproducten van cholesterol en andere vetzuren kankerverwekkend zijn en in staat DNA onherstelbaar te beschadigen, maken ze ook nog eens gaten of eigenlijk een soort ‘kratertjes’ in de teflonlaag van de vaatwanden. Met het gaan klonteren van de bloedplaatjes en het hechten daarvan in de kratertjes, die in de vaatwand zijn ontstaan, start het proces van aderverkalking. Er worden ook vetzuren uit het bloed op deze plekken gedeponeerd en er wordt kalk naar toe getrokken (kalk dringt altijd binnen in weefsels of cellen die op een of andere manier beschadigd of gescheurd zijn). Zo beginnen aderverkalkingsplakken zich op te bouwen.

Ongezonde voeding met te veel vet, te veel calorieën, te weinig vers fruit en te weinig verse groenten, gebrek aan anti-oxidanten en aan vezelstoffen en in het bijzonder ook veel roken zorgen er voor, dat vaak al op jonge leeftijd en in een hoog tempo aderverkalking ontstaat. Het vervelende is, dat je er heel lang niet zo veel van merkt en je dus ook niet zo duidelijk realiseert dat er iets verkeerd gaat. Pas als aderen voor zo’n 50% verstopt zijn, begin je er last van krijgen en de pijn begint pas als ze voor 70% verstopt zijn.

Uiteindelijk raakt de ader totaal verstopt op de plek, waar de berg verkalking het hoogst is. In het omringende weefsel wordt de bloedcirculatie steeds slechter, uiteindelijk sterft het weefsel af of verschrompelt het orgaan, waarvan de bloedtoevoer afgesneden wordt. Omdat het weefsel niet van voldoende zuurstof wordt voorzien, treden steeds meer vrije radicalen reacties op. Hoe minder zuurstof er kan komen, des te erger zal de beschadiging zijn.

Daardoor raakt het aderverkalkingsprobleem op een bepaald moment in een stroomversnelling en gaat er steeds meer tegelijk en ook steeds sneller fout. Het uiteindelijke resultaat kan bijvoorbeeld een beroerte zijn, een hartaanval of het verschrompelen van een bepaald orgaan.

HET EFFECT VAN EXTRA ANTI-OXIDANTEN BIJ ZIEKTE

Anti-oxidanten bij hart- en vaatziekte

In de bloedstroom bevindt zich een bepaald proteïne, HDL genaamd (High Density Lipoproteïn). Een goed samengestelde anti-oxidanten combinatie zorgt ervoor, dat de productie van HDL verhoogd wordt. HDL is heel belangrijk, omdat het een vettransportdeeltje is. Wanneer je veel HDL hebt, is dit in staat de aderverkalkingsplakken binnen te dringen en daar de vetmoleculen, zoals bijvoorbeeld cholesterol te verwijderen.

Het HDL verbindt zich stevig aan het vet, neemt het mee in de bloedstroom en laat het pas los in de lever. De lever maakt het cholesterol weer vrij en stuurt het naar het spijsverteringskanaal. Daar wordt het vet weer opgenomen door de voedingsvezels. Het cholesterol en ander vet zet zich aan deze vezels vast, alsof het gelijmd zit en verlaat op deze manier het lichaam. Dit is een van de redenen waarom het eten van voldoende voedingsvezels erg belangrijk is. Daarom is het eten van verse groenten van groot belang. De nadruk ligt op vers, omdat de vezels in verse groenten nog ‘heel’ zijn. Bij diepvries zijn de vezels gebroken, waardoor het vet zich niet meer vast kan kleven aan de vezel. Bij het eten van ‘gebroken’ vezels wordt het vet niet afgevoerd en blijft het in het lichaam. Indien het niet altijd mogelijk is om van verse groenten gebruik te maken, is het dagelijks gebruiken van een goed vezelsupplement een oplossing.

Hoog gedoseerde combinaties van de juiste anti-oxidanten zorgen er niet alleen voor dat reeds bestaande aderverkalking langzaam gaat afnemen, maar ook dat nieuw vet geen kans krijgt om ranzig te worden (te oxideren) en zich zodoende aan de vaatwand vast te hechten. Dit schoonmaakproces kan doorgaan tot de vaatwand weer schoon is of, als er al sprake is van een vergaande aderverkalking (bijvoorbeeld 50 tot 70%), zal de verkalking met ongeveer de helft kunnen afnemen. 

Dit schoonmaakproces gaat geleidelijk en hoeveel tijd daarvoor nodig is hangt af van de mate van verkalking. Bij een aderverkalking van 50-70% kan dit twee jaar in beslag nemen. Voor wie dit niet snel genoeg gaat, is het goed om te bedenken, dat het soms 30, 40 of 50 jaar geduurd heeft om het zover te laten komen. 

Het blijkt goed mogelijk te zijn om met anti-oxidanten een aantal problemen op te lossen die al opgestart zijn. Het unieke van ons lichaam is namelijk een enorm vermogen om zichzelf te repareren. Een voorwaarde daarvoor is echter dat er voldoende anti-oxidanten beschikbaar zijn.

Met name kun je de vicieuze cirkel doorbreken, waardoor de ene schade weer andere schade oproept en waardoor op den duur steeds grotere problemen ontstaan. Bloedvaten die reeds aan het dichtslibben zijn en door gebruik van anti-oxidanten weer schoon of schoner gemaakt worden, blijken zichzelf vaak grotendeels te kunnen herstellen. Met een hoog HDL niveau kan het lichaam zelf weer orde op zaken stellen. Het HDL begint het gedeponeerde vet weg te halen.

De anti-oxidanten zorgen dat de oxidatie van de vetten in het bloed en in de vaatwand voorkomen wordt, zodat geen of in ieder geval veel minder vrije radicalen reacties kunnen optreden. Geen vrije radicalen reacties betekent dat zich weer normaal PGI kan vormen.

De vaatwand en de bloedplaatjes zijn niet langer kleverig (in 3 tot 4 maanden tijd vermindert of verdwijnt de trombose). Het bloedvat kan geleidelijk aan weer zoveel mogelijk gaan functioneren zoals het hoort. 

Om dit schoonmaakeffect te bereiken is naast het gebruik van de extra anti-oxidanten, een verstandig voedingspatroon van groot belang: het drastisch beperken van alle vet, maar met name meervoudig onverzadigde vetzuren, het eten van veel vers fruit en verse groenten (geen diepvries, omdat dan de vezels gebroken zijn en niet meer werken) en voldoende vezelstoffen (waaraan de troep van de loskomende verkalking zich kan hechten en waarmee deze troep afgevoerd kan worden) is absoluut nodig om dit schoonmaakproces te kunnen bereiken. 

Anti-oxidanten bij diabetes

Bij het tegengaan van hart- en vaatziekten is het ook van belang om te weten wat er bij diabetes gebeurt. Omdat bij diabetes uiteindelijk ook problemen met het hart ontstaan. 

Vrije radicalen reacties spelen namelijk ook een belangrijke rol bij diabetes. Er zijn twee soorten diabetes : diabetes bij kinderen en diabetes die op volwassen leeftijd ontstaat. De laatste groep heeft veel voordeel bij het gebruik van anti-oxidanten. Diabetes bij volwassenen veroorzaakt veel vrije radicalen reacties, veel meer dan bij mensen die deze ziekte niet hebben. Maar hoe komt dat?

We hebben al uitgelegd dat het anti-oxidant systeem overal in het lichaam aanwezig is. Als we nog wat dieper op het anti-oxidant systeem ingaan is deze onder te verdelen meerdere type anti- oxidantsystemen. Cellen bevatten dan ook meerdere type van deze anti-oxidantsystemen, die elk een bepaald type vrije radicalen kunnen neutraliseren.Voor één bepaald anti-oxidant systeem, diep binnenin de cel, is suiker essentieel om dit anti-oxidantsysteem goed te kunnen laten functioneren. 

Bij de laatste groep diabeten hebben de cellen niet voldoende suiker, waardoor dit anti-oxidant systeem, dat immers voor haar werking van suiker afhankelijk is, uitvalt. Bepaalde vrije radicalen kunnen nu ongestraft hun gang gaan en starten kettingreacties. Dat is de reden dat iemand die diabetes heeft hoe dan ook al veel meer vrije radicalen produceert, dan iemand zonder diabetes. Hierdoor ontstaan een aantal andere problemen, helaas zijn dit de normale bijkomende verschijnselen bij diabetes, namelijk: schade aan de nieren, aan het hart, aan de hersenen en aan de ogen.

Extra gebruik van anti-oxidanten zorgt er voor dat iemand die diabetes heeft, zich een stuk beter voelt, dat zijn immuunsysteem verbetert en dat de zeer vaak als gevolg van diabetes optredende schade aan hart, hersenen, ogen en nieren, (die door vrije radicalen reacties veroorzaakt wordt), kan worden tegengegaan.

Voor diabetici is het zeer belangrijk om te zorgen dat hun immuun-systeem, dat door deze ziekte extra onder druk staat, zoveel mogelijk verbeterd wordt met anti-oxidanten om zo andere verouderings-problemen te kunnen voorkomen.

Anti-oxidanten bij kanker

Bij kanker is sprake van een verandering van het DNA van een cel. In de meeste gevallen wordt deze verandering van het DNA in een gezonde cel veroorzaakt door aanhoudende beschadiging van het DNA door vrije radicalen reacties.

Het DNA bevat de genetische informatie en bevindt zich in het binnenste van de cel. Het is de ‘bouwtekening’ van de cel, die alle informatie bevat die een cel nodig heeft om gezond te blijven en volgens plan te functioneren. Wanneer deze ‘bouwtekening’ door voortdurende vrije radicalen reacties beschadigt, weet de cel niet meer wat er van hem verwacht wordt. Het DNA kan zo ernstig verminkt worden, dat de cel uiteindelijk een soort domme kracht wordt, die alleen de simpelste functie nog kan uitvoeren, namelijk zich delen. En dat doet hij in een razend tempo, volkomen ongecontroleerd en zonder dat dit ergens op slaat. Een soort celwoekering, die een steeds groter gebied vernietigt: kanker.

Doordat het DNA zich diep in het binnenste van de cel bevindt, treedt een beschadiging aan het DNA niet zo gemakkelijk op. Elke cel heeft een uitgebreide en zeer doelmatige bescherming geregeld door middel van het anti-oxidantsysteem. Te beginnen met de anti-oxidant vitamine E, die de eerste hindernis tegen vrije radicalen reacties vormt in het membraan van de cel (dus al in de buitenwand van de cel). Mocht deze bescherming toch nog vrije radicalen doorlaten, dan worden die binnen de cel door een serie van andere anti-oxidanten uitgeschakeld. Alles om vooral het DNA gaaf te houden, zodat iedere nieuwe cel, die ontstaat, precies hetzelfde is en doet als zijn voorganger.

Door dagelijks extra anti-oxidanten te gebruiken kun je er voor zorgen, dat de cel zolang mogelijk een sluitende anti-oxidantbescherming houdt. Zo beschermt het lichaam zichzelf van nature tegen het ontstaan van kanker. Dit is ook de verklaring voor het feit, dat je door het dagelijks gebruik van extra anti-oxidanten, het risico ooit met kanker als ziekte te maken te krijgen drastisch vermindert. Of het moment van het ontstaan 10 tot 30 jaar naar achteren schuift, zodat het tijdens je normale levensduur niet eens zo ver komt.

Als je in de situatie verkeert, dat je al kanker hebt, is het dagelijks gebruik van een hoge dosering anti-oxidanten een van de beste dingen die je dan zelf voor je lichaam kunt doen. Als je vermoedt dat je kanker zou kunnen hebben, is het essentieel direct een arts te raadplegen. Deze zal direct beginnen met de behandeling, meestal chirurgisch ingrijpen, chemotherapie, bestraling of een combinatie hiervan. Dit is van het grootste belang, omdat kanker in veel gevallen een levensbedreigende ziekte is, waarbij ‘er snel bij zijn’ een grote rol speelt in de kansen op een positief resultaat van de behandeling. Anti-oxidanten geven deze behandelingen een enorm krachtige, positieve ondersteuning.

Wat een hoge dosering anti-oxidanten doet tijdens de behandeling is onder andere het volgende:

Ze verhogen het effect van de behandeling. Een voorbeeld hiervan is dat ze bijvoorbeeld er voor zorgen dat de bloedvaten wijd open blijven, zodat een chemotherapeutisch geneesmiddel de tumor beter kan bereiken. Tumoren hebben de eigenschap, dat ze ook een woekering van lange, moeilijk doorlaatbare bloedvaten doen ontstaan. De toegang van het geneesmiddel kan hierdoor ernstig belemmerd worden. Dagelijkse hoge doseringen van anti-oxidanten verbeteren de toegang sterk. Bovendien veranderen anti-oxidanten de buitenwand van de tumoren dusdanig dat deze zich minder goed kunnen verplaatsen om zich ergens anders te kunnen innestelen, waarmee de kans op uitzaaiing vermindert.

De misselijkheid bij een behandeling met bestraling en/of chemotherapie kan een zeer belastende factor zijn voor de zieke. Het bijverschijnsel misselijkheid is echter een vrije radicalen reactie. Het is dus logisch te verklaren dat met dagelijks hoge anti-oxidantdoseringen de misselijkheid veel minder is.

De ziekte kanker brengt een grote vorm van stress met zich mee. Stress vermindert de werking van het immuunsysteem. Het hele lichaam verzwakt in zijn reacties op aanvallen van binnen en buiten. Juist bij kanker is het van groot belang te zorgen het immuunsysteem op een zo hoog mogelijk peil te houden. Dagelijkse hoge doseringen anti-oxidanten houden het immuunsysteem alert.

Daarnaast zorgen de anti-oxidanten ervoor dat je mentaal sterker blijft, minder snel depressief wordt en dat je conditie naar omstandigheden zo goed mogelijk blijft. Al je energie is immers nodig om de behandeling correct te volgen voor de meeste kans op blijvend succes. Hoe je je ondanks deze situatie voelt, bepaalt mede het succes.

Anti-oxidanten bij artritis

Bij artritis maakt je immuunsysteem fouten. De meeste wetenschappelijke onderzoekers zijn er nu van overtuigd dat de gevolgen van artritis veroorzaakt worden door vrije radicalen reacties.

Wat zijn die gevolgen? De smerende eigenschappen van de vloeistof tussen je gewrichten worden vernietigd en er ontstaat aanzienlijke schade aan de gewrichten. Deze loopt uit op ernstige misvormingen daaraan en ontstellend veel pijn.

Wat gebeurt er precies? Artritis is een vrij veel voorkomende verouderingsziekte. Er zijn diverse soorten en ook diverse manieren van ontstaan. Met name bij reumatische artritis is sprake van een immuunsysteem, dat ernstig verstoord geraakt is. 

Het verstoorde immuunsysteem ziet gezond eigen weefsel als lichaamsvreemd. In dit geval een proteïne, die normaal aanwezig is in de ruimte tussen de gewrichten en daar ook hoort. Het verstoorde immuunsysteem ziet deze proteïne als een indringer die vernietigd moet worden. Door deze abnormale reactie, wordt een chemisch signaal gegeven, dat er voor zorgt dat grote aantallen witte bloedlichaampjes naar de plaats van de ‘indringers’ komen om deze te vernietigen. Terwijl ze proberen deze zgn. indringers weg te werken, produceren ze veel zuurstof, waardoor veel vrije radicalen opgewekt worden. Deze vrije radicalen reacties zijn verantwoordelijk voor de schade aan gewrichtsvloeistoffen en gewrichten.

Om deze vrije radicalenreacties goed onder controle te houden zijn grote hoeveelheden anti-oxidanten nodig. Nogmaals, anti-oxidanten zijn voedingssupplementen, geen medicijn. Ze kunnen dus artritis absoluut niet genezen. Ze kunnen wel de schade, die door artritis via vrije radicalen reacties veroorzaakt wordt, stoppen of afremmen.

De groep mensen, die niet langer dan ca. 5 jaar artritis heeft, kan het grootste voordeel van het gebruik van anti-oxidanten verwachten. Zij zullen bij het gebruik van 3 tot 4 maal daags een goede combinatie van anti-oxidanten na circa zes tot acht weken merken, dat de pijn vermindert dan wel geheel verdwijnt. Daarnaast wordt het ziekteproces vertraagd of zelfs gestopt.

Bij mensen die al veel langer artritis hebben, is helaas vaak al beschadiging aan de gewichten opgetreden. In ieder geval kan ook hier het proces vertraagd worden, waardoor verdere beschadiging beperkt kan worden.

Anti-oxidanten bij revalidatie na ongeluk, hartaanval of beroerte

Bij chronische hersen- of ruggenmergbeschadiging is zeer actieve en onafgebroken revalidatie van het allergrootste belang om de activiteit van verlamde of verzwakte spieren, beschadigd zenuwweefsel en de bloedcirculatie in en rond de beschadiging te helpen herstellen. Anti-oxidanten kunnen aanmerkelijk bijdragen aan het uithoudingsvermogen bij patiënten, die zware en langdurige revalidatie ondergaan.

Anti-oxidanten bij trombose

Op het gebied van trombose zijn de meetbare effecten bij het gebruik van anti-oxidanten al na een korte periode (drie tot vier maanden) waar te nemen. Trombose ontstaat door een interactie tussen bloedplaatjes, witte en rode bloedlichaampjes en bloedplasma. De gebruikelijke geneesmiddelen hebben alleen effect op het bloedplasma. De juiste hooggedoseerde anti-oxidanten werken echter in op zowel witte als rode bloedlichaampjes, bloed-plaatjes en het plasma. Doordat met anti-oxidanten de oxidatie wordt tegengegaan, verliezen de bloedplaatjes hun neiging aan elkaar te kleven. De kans op stollingen neemt daardoor steeds verder af. In veel gevallen zal trombose niet alleen sterk verminderen, maar kan zelfs geheel verdwijnen. Hoe dat mogelijk is, wordt hieronder nader uitgelegd. We komen hiermee ook het dichtst bij de kern van de zaak, namelijk dat het duidelijk is, dat met extra anti-oxidanten een heel positief resultaat bereikt kan worden.

Bloedcellen gaan maar drie maanden mee. Na deze drie maanden delen zij zich. Dat doen ze natuurlijk niet allemaal tegelijk, dat vernieuwen per bloedcel gaat iedere dag door. De oude bloedcellen, die drie maanden lang hun werk gedaan hebben en daardoor toch wel behoorlijk in kwaliteit achteruitgegaan zijn, hebben een hele mooie eigenschap. Als zij zich delen en zo nieuwe bloedcellen produceren, doen zij dit volgens een bestaande, zeg maar, bouwtekening. Die bouwtekening verandert niet. Ook de eerste bloedcellen zijn vanaf deze tekening gemaakt. Het origineel van dit bouwplan ligt opgeslagen in het DNA van de cel. Zelfs als je een hart- en vaatziekte hebt en er een nieuwe bloedcel gemaakt wordt, is deze nieuwe cel weer puntgaaf, de beste kwaliteit die er te krijgen is. Vanaf dat moment worden de extra anti-oxidanten belangrijk, als je wat aan hart- en vaatziekte wilt doen. Een goede anti-oxidant bescherming zal deze nieuwe bloedcel gedurende de drie maanden van zijn bestaan, praktisch nieuw houden. Zo blijven alle bloedcellen, die na de start met extra anti-oxidanten in die drie maanden aangemaakt worden, goed beschermd, waardoor ze in optimale conditie blijven. 

Op deze manier beschik je, bij dagelijks gebruik van anti-oxidanten, na drie maanden alleen nog maar over bloedcellen van uitstekende kwaliteit met gave, sterke wanden en bloedplaatjes die niet aan elkaar kleven. Het bloed blijft nu op de juiste dikte. Daarmee is de eerste slag gewonnen. 

Dit maakt het ook begrijpelijk, waarom mensen met trombose, die na drie tot vier maanden naast hun medicijnen de bedoelde anti-oxidanten gebruikt te hebben, bemerken dat hun trombose probleem aanzienlijk verminderd is of zelfs weg is. Leeftijd speelt hierbij geen rol, al is men 70 jaar.

Anti-oxidanten werken niet alleen in op een deel van het bloed en het bloedplasma, maar hebben effect op het totale bloed. De juiste combinatie van anti-oxidanten kan  bij trombose naast de gangbare geneesmiddelen gebruikt worden. In overleg met de arts of de trombosedienst kan bepaald worden in hoeverre op de lange termijn de bloedverdunnende geneesmiddelen verminderd kunnen worden. Let op, voorgeschreven medicijnen mogen nooit op eigen initiatief verminderd of gestopt worden.

Anti-oxidanten bij zware vermoeidheid

Voor mensen die door hart- en vaatziekten met zware vermoeidheid te kampen hebben, geldt hetzelfde principe als hierboven al is uitgelegd. Als de bloedcellen niet stuk gaan en de cellen in goede staat blijven, blijven ook de energiekacheltjes (mitochon-driën) waar we het in het begin over hadden, goed werken. Als deze goed werken, vermindert ook de vermoeidheid en kun je, door op een rustige manier weer wat meer te gaan bewegen, meer conditie opbouwen. Daarnaast zorgen de extra anti-oxidanten ervoor, dat er de tweede veroorzaker van vermoeidheid, namelijk stress, onder controle gehouden kan worden. Hieronder gaan we daar nader op in.

Anti-oxidanten bij stress en burn-out

Door herhaalde of aanhoudende stress (van welke aard dan ook) worden in het lichaam grote hoeveelheden opiaten (opiumachtige stoffen) vrijgemaakt. Het zijn endorfinen, enkafalinen en aanverwante zenuwstelsel onderdrukkende stoffen. Dit kan door fysieke stress zijn, zoals bij sportlieden of door psychische stress, zoals het nemen van belangrijke beslissingen, examens of zelfs verdriet. Deze opiumachtige (verdovende) stoffen veroorzaken een ernstige onderdrukking van het zenuwstelsel, van het immuunsysteem en van het geslachtshormoonsysteem. Ze zijn even krachtig als morfine en heroïne en als er teveel van ontstaan zijn ze even schadelijk als deze drugs.

Wat gebeurt er eigenlijk precies bij stress? Op je hersenen zitten allerlei receptor sites, zeg maar ontvangstplekjes. Die moet je je voorstellen als stukjes van een driedimensionale legpuzzel. Alleen moleculen met exact dezelfde vorm kunnen zo ‘landen’ op deze plekjes en toegang krijgen tot de cellen. De opiaten zijn zulke moleculen. Als we willen vermijden dat deze stoffen de cellen kunnen bereiken, moeten we ervoor zorgen dat deze landingsplaatsjes opgevuld worden, zodat het oppervlak zich weer sluit en glad wordt. De toegang tot de celmembranen wordt deze ongewenste moleculen dan ontzegd.

Anti-oxidanten, met name ascorbinezuur (vitamine C) en glutathion zorgen dat deze landingsplaatsjes direct na hun ontstaan opgevuld worden en blijven. Daardoor blijf je helder en alert, ook bij langdurig intens geconcentreerd werken en sporten. En je wordt veel minder snel moe. Ook je reactiesnelheid en inzicht blijven gedurende een langere tijd optimaal. We zijn er aan gewend, dat je onder aanhoudende stress op den duur steeds trager reageert, moeilijker gaat denken en sneller beoordelingsfouten maakt of het overzicht in een situatie of spel snel verliest, zodat je uiteindelijk niet meer kunt functioneren. Het is toch wel goed om hier nog iets dieper op in te gaan, omdat een beetje meer kennis hierover het goed bijhouden van je gezondheid een handje kan helpen. De opiumachtige stoffen kunnen ook neerslaan op de zeer kleine plekjes in je hersenen, waar normaal de neurotransmitters contact maken. Neurotransmitters zijn chemische stoffen, die door de hersenen zelf gemaakt worden en die de hersencellen gebruiken om met elkaar te communiceren. De opiumachtige stoffen kunnen weliswaar niet bij die kleine plekjes in je hersenen naar binnen, omdat hun vorm niet exact overeenkomt met de moleculen die daar naar binnen horen te gaan (namelijk de neurotransmitters), maar inmiddels verstoppen ze wel de ingang. Hoe meer plekjes door opiaten verstopt raken, des te minder neurotransmitters hun taak kunnen uitvoeren. De communicatie tussen de hersencellen wordt steeds minder. Hierdoor ga je ook trager denken en steeds langzamer reageren.

Ook de communicatie tussen het primitieve deel van je hersenen en de intelligente delen, die plaatsvindt door het heen en weer sturen van neurotransmitters van en naar de receptor plekjes, wordt steeds minder. Met als uiteindelijk resultaat dat alles afstompt: gevoel, agressie en seks. Er ontstaat een algehele gewaarwording van ‘murw’ zijn, niet meer willen, niet meer kunnen, van totaal opgebrand zijn, een burn-out.

Iets dergelijks geldt ook voor de zenuwcellen. De uiteinden daarvan raken bovendien verstopt door vrije radicalen afvalproducten. Op den duur raakt het gevoel en de pijn geheel uitgeschakeld en de spieren reageren niet langer meer op commando’s uit de hersenen. Net als heroïne onderdrukken deze opiumachtige stoffen het immuunsysteem ook enorm. Ze onderdrukken bepaalde lymfocyten, die als taak hebben alle indringers van buiten af (virussen e.d.) onmiddellijk te isoleren en uit te schakelen. Dit geeft een algemeen gevoel van slap worden, van verzwakking en uitputting en je raakt hierdoor sneller vatbaar voor infecties, kanker etc. Boven-dien verouder je onnodig snel. Na herhaalde of langdurige stress situaties, bijvoorbeeld na een zeer belangrijke kampioenschap of een serie uitputtende wedstrijden of examens, zie je vaak genoeg dat een sportman of een student inklapt en wekenlang door infecties uitgeschakeld is. Hetzelfde kan ook voorkomen als je te maken krijgt met een sterfgeval of langdurig in zakelijke of financiële problemen zit.

Verder komen bij stress ook nog meer catecholamines vrij dan normaal (adrenaline, noradrenaline e.d.). Nadat deze hun rol uitgespeeld hebben en dus niet langer nodig zijn, worden ze door enzymen buiten werking gesteld en daarbij worden zuurstof radicalen geproduceerd.

Een ander bijproduct van stress zijn de corticosteroïden (cortisone-achtige stoffen), die ook enorm onderdrukkend werken op het immuunsysteem. Bij langdurige stress raakt het immuunsysteem door de combinatie van opiaten en corticosteroïden in een gevaarlijke ‘down’ toestand.

Bij sporten produceren de hersenen en het ruggenmerg een variëteit aan opiaten, waardoor het zenuwstelsel zó onderdrukt kan raken, dat je helemaal geen pijn meer voelt. Dit is het zogenaamde ‘high’ raken bij sport, waardoor je geen blaren meer voelt of rake klappen of andere flinke blessures. De pijn als alarmsignaal wordt volledig onderdrukt. Hierdoor kunnen aanvankelijk kleine blessures ernstiger worden, omdat je niet tijdig stopt. Maar ook je reactiesnelheid, coördinatie, geheugen en je heldere kijk op de dingen wordt steeds minder.

Kunnen we voorkomen dat deze opiaten hun ongewenste invloed uitoefenen? Dat kan. Anti-oxidanten kunnen de toegang tot de cellen van deze stoffen blokkeren en daarmee zorgen dat de communicatie tussen de hersenen en het zenuwstelsel goed blijft functioneren en men dus controle over de spieren houdt en alert en snel blijft. Bovendien zorgen ze dat het immuunsysteem optimaal blijft werken en niet door deze stoffen onderdrukt kan worden. Dit is voor iedereen van essentieel belang om het ontstaan van ziekten en versnelde veroudering te voorkomen. Door het slechter gaan functioneren van het immuunsysteem krijgen allerlei infecties en ziekten steeds meer kans.

Ook bij hart- en vaatziekten mag de invloed van stress niet onderschat worden. De angst, of alles wel goed zal gaan, kan enorm veel stress veroorzaken. Deze stress veroorzaakt op zijn beurt weer extra vrije radicalen reacties. Juist in deze situatie kun je dat er helemaal niet bij hebben. Gebruik van extra anti-oxidanten neemt niet de oorzaak van de extra stress weg, maar beperkt wel de extra schade ervan. 

Het gebruik van hoog gedoseerde anti-oxidant combinaties werkt bij de oudere leeftijdsgroep op dezelfde manier als bij jonge mensen. Volwassenen van elke leeftijdsgroep kunnen er veel profijt van hebben. Voor de een zal het resultaat het beschermen en in stand houden van een goede gezondheid zijn, voor een ander het afzwakken van de extra risico’s van een bepaalde levensstijl (bijvoorbeeld veel roken, werken in vervuilde lucht, in smog, onder stress, in wisseldiensten etc.). 

Voor degene die al terecht gekomen zijn in een situatie die verouderingsziekte met zich meebrengt, is het stopzetten of vertragen van het ziekteproces het resultaat. Dit geldt ook voor vergeetachtigheid en dementie. Gezonde mensen van middelbare leeftijd en ouder kunnen, door het gebruiken van de juiste hoeveelheid extra anti-oxidanten per dag, hun goede gezondheid langer behouden dan de mensen die geen anti-oxidanten gebruiken. Door dit gebruik kunnen ze zo het normale tekort aan anti-oxidanten compenseren dat door het ouder worden ontstaat. Bij dagelijks gebruik van de juiste anti-oxidanten en de juiste hoeveelheden ligt het binnen de mogelijkheden, om de alle verouderingsziekten inclusief kanker, aderverkalking en dementie geheel te voorkomen, ofwel 20 tot 30 jaar uit te stellen. Het te bereiken resultaat is dus afhankelijk van het stadium, waarin je je bevindt als je start met het gebruik van anti-oxidanten.

WELKE STOFFEN ZIJN ANTI-OXIDANTEN?

Anti-oxidanten zijn voedingssupplementen, geen medicijnen. Een deel ervan, de vitamines en co-factor vitamines, komt ook in gewone voeding voor, alleen veel te weinig om alle vrije radicalen reacties voldoende tegen te gaan. De basis van de anti-oxidanten begint bij de vitamines C en E.

Vitamine C werkt in een grote hoeveelheid als anti-oxidant en beschermt alle vochtdelen in het lichaam. Vitamine E beschermt alle vetdelen in het lichaam zoals de hersenen, het ruggenmerg, de huid en alle celwanden. De B vitamines zijn weliswaar geen anti-oxidanten, maar ze zijn wel hard nodig. Zij moeten in de juiste verhouding staan tot de vitamine C en vitamine E. Zij zorgen er onder meer voor dat de anti-oxidant werking van C en E goed kan verlopen en dat deze anti-oxidanten, na in het lichaam hun werk gedaan hebben, weer opnieuw in elkaar gezet worden om steeds maar weer opnieuw hun beschermende werk te kunnen doen. 

De B vitamines die daarvoor in de juiste verhouding aanwezig moeten zijn, zijn de B vitamines 1, 2, 3, 5, 6 en 12. In dit verband kun je de B vitamines een beetje vergelijken met vrachtwagentjes. Zij halen de uitgewerkte anti-oxidanten terug van het slagveld naar gebieden in je lichaam, waar ze weer opnieuw in elkaar gezet worden. Vervolgens zorgen de B vitamines ervoor dat ze, weer ‘geheel gereviseerd’ op transport gaan naar het slagveld. Dit voorbeeld is gegeven om een idee te geven, hoe belangrijk het is een combinatie van anti-oxidanten en vitamines te gebruiken, in plaats van uitsluitend vitamine C, uitsluitend vitamine E, of alleen maar een vitamine B complex. 

Als je alleen maar een vitamine B complex gebruikt, houdt dit figuurlijk in dat er lege vrachtwagentjes door je lichaam rijden. Als je alleen maar vitamine C of E gebruikt, houdt dit in dat er geen vrachtwagentjes rijden, dus geen transport is om een uitgewerkte anti-oxidant C of E naar de ‘herstelwerkplaats’ te vervoeren. Op die manier kan een anti-oxidant C bijvoorbeeld maar eenmaal een vrije radicaal uitschakelen, terwijl met het recycle systeem zo’n zelfde anti-oxidant wel 10.000 keer zijn werk kan doen. 

De hoeveelheid die nodig is om meer bescherming te bieden tegen hart- en vaatziekten bestaat uit 2000 milligram vitamine C, met daarbij in de juiste verhouding toegevoegde vitamine E en alle eerder genoemde B vitamines. Een dergelijke dosering, waarbij toegevoegd calcium, vitamine D3, foliumzuur, bètacaroteen en de uiterst sterke anti-oxidant glutathion, werkt tussen de 4 en 6 uur en kan drie keer per dag bij de maaltijd worden ingenomen voor een onbeperkte periode.

2000 miligram vitamine C is de maximum hoeveelheid die door het lichaam in een keer kan worden opgenomen. Wat te veel is wordt door het lichaam afgevoerd. De grote hoeveelheid vitamine C wordt echter altijd grotendeels gebruikt, omdat het ook nodig is bij de recycling van vitamine E. Bij gezonde mensen kan al in zes weken tijd het vitamine E niveau hierdoor met 80% verhoogd worden.

Glutathion is een natuurlijke, zwavel bevattende kleine proteïne. Het is geen enkelvoudige aminozuur, maar een tri-aminozuur, een verbinding van drie aminozuren. Het lichaam maakt hiervan ter plekke een zeer belangrijk anti-oxidant enzym, glutathione peroxidase. Glutathion is een bijzonder sterke anti-oxidant. Een van haar eigenschappen is, dat zij bij stress alle schadelijke stoffen die hierdoor in de hersenen ontstaan, zonder meer opruimt.

Het is te simpel gedacht dat alle stoffen, waarvan bekend is dat ze een anti-oxidant zijn, zomaar zonder meer ingenomen kunnen worden. Sommige stoffen, waarvan we weten dat het anti-oxidanten zijn, werken niet als je ze inneemt. SOD is hier een voorbeeld van. Echter bij het gebruiken van een goede combinaties van anti-oxidanten zorgt het lichaam ook hier weer zelf voor de juiste aanmaak van SOD. 

Veel voedingssupplementen zijn zelfs niet aan te bevelen, omdat ze of overbodig of nutteloos of zelfs gevaarlijk zijn. Ze kunnen ernstige, vaak onherstelbare problemen veroorzaken, zoals de enkele aminozuren en alle zogenaamde neurotransmitters, waarvan bijvoorbeeld DMAE gevaarlijk kan zijn. Een ander voorbeeld van hoe het niet moet is als je jarenlang ijzer als voedingssupplement gebruikt. In de Verenigde Staten is dit heel populair geweest. Het heeft daar echter bij zeer veel vrouwen reuma tot gevolg gehad. 

Zo is bijvoorbeeld het dagelijks gebruik van mineraalsupplementen niet aan te bevelen. Ze blijken doorgaans overbodig te zijn en op den duur zelfs gevaarlijk. Mineralen stapelen zich namelijk op in het lichaam en ongemerkt kun je zo een giftig niveau bereiken en dan beginnen ze onherstelbare schade aan te richten. Het dagelijks gebruik, jaar in jaar uit, van mineralen kunnen artritis en diabetes tot gevolg hebben. Onze voeding is dermate gevarieerd en mineralen gebruikt je lichaam zo spaarzaam en effectief, dat normaal geen tekorten ontstaan. 

De enige uitzondering hierop is het mineraal calcium. In de moderne vetarme voeding ontstaan calciumtekorten. Voeding die zeer vetarm is, bevat nog amper calcium. Calcium moet aangevuld worden, omdat anders ontkalking van de botten plaatsvindt, die op latere leeftijd tot grote problemen kan leiden. Bovendien is voldoende calcium zeer belangrijk voor een goede werking van het hart. Natuurlijk kunnen er momenten zijn dat je denkt dat de mineralen-voorraad in je lichaam moet worden aangevuld, maar doe dat dan alleen als de dokter een werkelijk tekort constateert en gebruik dan nog de voorgeschreven mineralen zo kort mogelijk (liefst niet langer dan 1 of 2 weken). Je lichaam heeft ook voor mineralen een recyclesysteem en gaat bijzonder zuinig met mineralen om.

Daarom is het, in het geheel genomen, verstandig om anti-oxidanten te gebruiken, waarin alleen die stoffen opgenomen zijn die het lichaam echt nodig heeft en die ook van nature door het lichaam als anti-oxidant ingezet worden en  waarvan daarbij nog de hoeveelheden onderling in balans zijn en waarvan is aangetoond dat ze niet in het lichaam kunnen opstapelen en zonder medische begeleiding voor onbeperkte tijd gebruikt kunnen worden. 

Een buitenbeentje op het gebied van vitamines is vitamine A. Deze vitamine mag zeker niet elke dag zonder meer ingenomen worden. Bij dagelijks gebruik is vitamine A niet veilig, omdat vitamine A zich opstapelt in het lichaam en dit brengt op den duur nare consequenties met zich mee. Het is beter om bèta-caroteen in plaats van vitamine A te gebruiken. Je lichaam maakt uit bètacaroteen zelf exact die hoeveelheid vitamine A aan, die het lichaam nodig heeft. Daarom wordt bètacaroteen, ook wel provitamine A’ genoemd. Bètacaroteen stapelt zich niet op en bovendien biedt het extra bescherming aan de ogen en de huid. 

DE IDEALE COMBINATIE VAN ANTI-OXIDANTEN

Om op een verantwoorde wijze doeltreffend een optimale bescherming op te bouwen tegen vrije radicalen kan het best een voedingssupplement gebruikt worden, waarvan een dosering bestaat uit een combinatie van de volgende stoffen:

Vitamine C (± 2000 mg) Vitamine E (± 100 mg)
Vitamine B1 (± 80 mg) Vitamine B2 (± 4 mg)
Vitamine B3 (± 40 mg) Vitamine B5 (± 240 mg)
Vitamine B6 (± 8 mg) Vitamine B12 (± 300 mcg)
Vitamine D3 (± 1,6 mcg) Glutathion (± 100 mg)
Foliumzuur (± 100 mcg) Calcium (± 250 mg)
Bètacaroteen (± 15 mg)    

Daar de bovenstaande combinatie tussen de 4 en 6 uur echt actief is in het lichaam, is het van belang, indien je wil voorzien in de hoogst mogelijke bescherming tegen vrije radicalen, om drie maal per dag zo’n dosering te gebruiken, bij voorkeur tijdens de maaltijden.

Een ander wezenlijk belangrijke voorwaarde voor hun werkzaamheid is dat ze geen bindstoffen en geen of slechts een te verwaarlozen hoeveelheid vulstoffen bevatten. Dit kan uitsluitend bereikt worden door de vitamines als los (dus ongeperst) poeder in capsules te verpakken. In geperste tabletten zitten belangrijke hoeveelheden bind-, vul- en lijmstoffen, die nu eenmaal nodig zijn om een tablet te kunnen persen (los poeder valt namelijk weer uit elkaar bij het persen). Het weglaten van deze stoffen zorgt er voor, dat ze in geen geval een belemmering kunnen vormen voor de werking van de anti-oxidanten. 

Daarnaast mag de antioxidant glutathion niet met verschillende B vitaminen in dezelfde capsule zitten. Glutathion schakelt deze B vitaminen in de capsule voortijdig uit. De B vitaminen zijn onder meer verantwoordelijk voor de recycling van de antioxidant samenstelling. De recycling valt weg en de samenstelling heeft nauwelijks effect.

Ook is enorm belangrijk, dat de anti-oxidanten zelf ook zo goed mogelijk tegen oxidatie beschermd worden, dus tegen zuurstof. Dit wordt het beste bereikt door ze per dosering in een blisterverpakking te stoppen, het liefst in een blister, waaruit de zuurstof voor het sluiten door stikstof weggeblazen wordt. Dit verhoogt de houdbaarheid enorm en geeft je de verzekering dat je verse, optimaal verwerkende anti-oxidanten binnen krijgt.

Niet alleen deze combinatie van verschillende stoffen is van belang, maar ook de hoeveelheden waarin je ze gebruikt zijn zeer belangrijk. De hoeveelheid van de verschillende stoffen is namelijk bepalend voor het effect.

Het belang van deze hoeveelheden wordt duidelijk door het volgende, eenvoudige voorbeeld. Een auto heeft brandstof nodig om te kunnen rijden. Iedereen weet dat je met een volle tank brandstof verder komt dan met 1 liter. Op vergelijkbare basis zijn de hoeveelheden van de verschillende stoffen die gebruikt worden in een voedingssupplement bepalend voor het haalbare effect.

Bij het kiezen van een voedingssupplement is het dus de moeite waard om zorgvuldig de samenstelling, de hoeveelheden en de verpakking daarvan te bestuderen. De hoeveelheden van de in een voedingssupplement verwerkte stoffen zijn bepalend voor de prijs van een product. Dit verklaart ook de grote prijsverschillen, die je zult ontdekken bij het selecteren van het ideale product. Na het bestuderen van diverse voedingssupplementen zal je tot de conclusie komen dat de meeste dure voedingssupplementen niet alleen beter, maar ook in verhouding voordeliger zijn dan voedingssupplementen die relatief goedkoop zijn.

GEBRUIK VAN ANTI-OXIDANTEN

Een goede combinatie van anti-oxidanten kan onbeperkt gebruikt worden. Je kunt ze een leven lang zonder onderbreking gebruiken, ook naast de voorgeschreven medicijnen. 

Ben je normaal gezond en onder de veertig dan is het gebruik van 1 tot 2 doseringen per dag van de aangegeven combinatie van anti-oxidanten aan te bevelen. Ben je de veertig gepasseerd, dan zijn 3 doseringen per dag aan te bevelen, 1 dosering bij elke maaltijd.

Is er sprake van een gezondheidsprobleem, zoals bijvoorbeeld bij verouderingsziekten, dan is 3 maal daags een dosering van anti-oxidanten aan te bevelen, eventueel zelfs 4 maal daags. Indien je een operatie verwacht is het aan te bevelen om 2 maanden vóór de operatie 3 maal daags een dosering van anti-oxidanten te gebruiken. Door de beschermende en versterkende werking van de anti-oxidanten is je lichaam aanmerkelijk beter bestand tegen de ingreep. Na de ingreep zal bij het aanhouden van deze 3 doseringen per dag ook sprake zijn van een sneller herstel. Bespreek met je behandelend arts dat je ook tijdens de opname je anti-oxidanten wilt blijven gebruiken! 

Ieder mens is verschillend en daarom kan er nooit precies worden aangegeven hoe lang het duurt eer de effecten merkbaar worden. Gemiddeld kun je ervan uitgaan, dat bij het gebruik van 3 maal daags een dosering anti-oxidanten je in zes weken tijd duidelijk effect zult merken.

Vooral indien je te maken heb met een verouderingsziekte zal, na langdurige gebruik van extra anti-oxidanten (vanaf 3 maanden dagelijks gebruik), de waarde van het gebruik van anti-oxidanten steeds duidelijker worden. Ook de arts zal dit kunnen constateren.

Eén ding is heel belangrijk. De eerder genoemde effecten van anti-oxidanten bij verouderingsziekten kunnen niet optimaal worden bereikt met het gebruik van één of twee doseringen per dag. Een dosering werkt ongeveer 4 tot 6 uur. Als je maar twee doseringen zou nemen, dan is dat voor één dag onvoldoende en stel je weer al datgene aan beschadiging bloot, dat daarvoor zo goed beschermd was. Drie doseringen per dag is een ‘must’. En nogmaals, als je onder behandeling bent, doe het in overleg met je specialist. Stop in ieder geval nooit uit eigen beweging met het gebruik van de medicijnen, die door de arts zijn voorgeschreven.

VOEDING

Vers fruit en verse groenten bevatten niet alleen anti-oxidanten, maar leveren ook de beste proteïnes en vooral goede vezels om het oude geoxideerde vet dat je lichaam kwijt moet, af te voeren. Als vele porties fruit en groente te veel calorien leveren, is het toch beter op iets anders te minderen, dan op fruit en groente.

Simpel klaargemaakte verse vis en gevogelte (zonder vel), grof volkoren brood, pasta’s (hierbij wordt de saus niet meegerekend), bonen en andere complexe koolhydraten zijn prima. Waar rustiger mee moet worden omgesprongen is met rood vlees, vanwege de hoge oxidatie die het bloed dat in het vlees zit met zich meebrengt. Maar ook met kaas en vleeswaren. Deze bevatten veel vrije radicalen, doordat de vetten al geruime tijd hebben kunnen oxideren. Ze zijn verwerkt, daarbij aan zuurstof blootgesteld, vaak zelfs nog vermalen, zodat echt elk stukje vlees met de lucht in contact is geweest. Als ze daarnaast nog een tijdje bewaard worden, staat al die tijd de oxidatie niet stil.

Het is niet zo dat je lichaam helemaal geen vet nodig heeft. Het totaal benodigde vet bedraagt ongeveer een niet al te grote lepel per dag. Dit vet moet zo vers mogelijk zijn, dus het liefst nog niet geoxideerd door contact met zuurstof. Neem bijvoorbeeld geen vet zoals boter of olie, waarvan de verpakking al geruime tijd geopend is.

Een ander voorbeeld: Als je een vis vangt die behoorlijk vet is en je eet hem direct op, dan is dat heel goed. Bewaar je deze dode vis en eet je hem pas een of meerdere dagen later op, dan is dat minder goed. Je krijgt immers te maken met geoxideerd vet. Omdat het anti-oxidantsysteem in de dode vis niet meer werkt, kan de vis zijn eigen vet niet meer beschermen en omdat zuurstof ruimschoots de tijd krijgt om het vet aan te vallen oxideert het vet. Hoe langer de vis bloot staat aan zuurstof, des te groter is de oxidatie van het vet.

Zo wordt duidelijk, dat bij goede voeding het woord ‘vers’ zeker op het gebied van vet van groot belang is.

LEEFTIJD EN SPORT

Sportbeoefening betekent over het algemeen gezond bezig zijn. Toch moet hierbij even stilgestaan worden, in ieder geval als je de veertig of vijftig bent gepasseerd en één of meerdere dagen per week stevig aan sport doet. Onder stevig aan sport doen wordt hier verstaan alle bewegingen, waarbij veel zuurstof wordt gebruikt.

Bij het passeren van deze leeftijdsgrens kan de 3 tot 10% zuur-stof die in de cellen uit de mitochondriën (de energiekacheltjes) ontsnapt, door het lichaam nauwelijks meer onder controle worden gehouden. In deze leeftijdsgroep zijn daarvoor te weinig anti-oxidanten beschikbaar. Hoe vaak komt het niet voor dat een marathonloper van om en nabij de vijftig, een hart- of herseninfarct krijgt. In dit geval gaan goede conditie en goede gezondheid beslist niet samen. 

Het bloedvatenstelsel is dan ook niet te vergelijken met een tuin-slang. Je mag niet van het standpunt uitgaan dat, als je tijdens het sporten het bloed goed door de aderen laat stromen, de aderen wel weer even schoongespoeld worden. Jammer genoeg is het tegendeel waar. Intensief sporten betekent veel zuurstof. Veel zuurstof betekent veel oxidatie. Veel oxidatie in het vatenstelsel betekent meer verkalking in de aderen. 

De oplossing is om het, of rustiger aan te doen, of gebruik te maken van een goede anti-oxidant bescherming. Bij een goede anti-oxidant bescherming komt een stevige partij tennis, of andere sportprestatie waarbij om veel zuurstof gevraagd wordt, weer dichter bij een goede manier om een goede conditie en een goede gezondheid samen te laten gaan. Een lichaam dat boven de 35/40 jaar een hoog zuurstofgebruik te verwerken krijgt zonder extra anti-oxidant bescherming is te vergelijken met een fakkel, die aan twee kanten enorm snel opbrandt.

AFREMMEN VAN HET VEROUDERINGSPROCES

Anti-oxidanten hebben een zeer sterk remmend effect op het verouderingsproces. Dit is onder andere gebleken bij het testen van mensen, die op dat moment in de groep van de 45- en 55- jarige vielen. Hun biologische leeftijd was respectievelijk 10 en 15 jaar jonger dan de werkelijke. Dat gold ook voor hun uiterlijk. Zij hadden gedurende meer dan tien jaar, drie maal daags de genoemde anti-oxidant combinatie gebruikt en doen dat nog steeds. Alhoewel dit geen wetenschappelijk dubbelblind onderzoek betreft, geeft dit wel aan wat de mogelijkheden zijn.

Voor mensen die geïnteresseerd zijn in het afremmen van hun verouderingsproces, is de omschreven combinatie van anti-oxidanten de gemakkelijkste en meest effectieve manier om dit doel te bereiken. Het komt eigenlijk hier op neer dat, als je begint en drie doseringen per dag gebruikt, je de eerste tien jaar biologisch nagenoeg niet hoeft te verouderen.

 

 


 

Het doel van deze uitgave is, informatie te verschaffen over de mogelijkheden die er zijn om langer een goede gezondheid te behouden dan over het algemeen normaal gevonden wordt.

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, foto-kopie, microfilm of welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming.

© Copyright M. Vos, 2018.           referenties